Monument Nunspeet

Deel 6
De laatste oorlogsjaren


Verhalen rond Neuengamme


Hendrik Schuit, vader van een tweeling

Niets vermoeding ging Henk Schuit uit Elspeet op zondag 1 oktober 1944 op familiebezoek in Putten, maar kwam terecht in de ‘Razzia van Putten’. Hij werd afgevoerd, kwam in Neuengamme en moest aan het werk in het kamp Meppen-Versen. Hij maakte de bevrijding mee, maar overleed op 26 mei 1945 in het Britse hospitaal in Rotenburg. Hij werd uiteindelijk begraven op het ereveld in Loenen. Hij was getrouwd en had een tweeling, twee meisjes.

De dertigjarige bosarbeider Hendrik Schuit 1 was geboren in Putten en woonde sinds zijn huwelijk met Willemina (Miena) Karssen op 18 november 1943 aan de Apeldoornseweg 34 2 in een van de kippenschuren bij de boerderij van de familie Westerbroek. Een tweeling, twee meisjes, werd geboren op 9 april 1944.
Hendrik Schuit was een van de zes kinderen uit het eerste huwelijk van Frederik Schuit. Zijn moeder overleed toen hij 12 jaar oud was. Miena Karssen was een van de elf kinderen van Dirk Karssen, landbouwer, en Willemina Wezenberg, die aan de Oude Nijkerkerweg in Ermelo woonden. Miena was het vijfde kind.

 

Henk ging zo af en toe bij zijn familie in Putten op bezoek. Zo kon hij op zondag 1 oktober toevallig meerijden met een vrachtauto van de Organisation Todt, een Duitse bouwmaatschappij. Henk Schuit was op dat moment onwetend wat zich de dag daarvoor in Putten had afgespeeld. Niets vermoedend was hij die ochtend op weg naar zijn broer Cobus, die politieman was in Putten. Hij viel regelrecht in de armen van de Duitsers. Pogingen van zijn broer om hem vrij te krijgen mislukten. Henk Schuit werd op transport gesteld. Ook zijn zwager Jannes Karssen, die bij zijn ouders in Ermelo woonde, was daarbij.

Jan Westerbroek vertelde later:  1

Zijn vrouw zat in zak en as. Na verloop van tijd kreeg ze een brief van hem. Dat hij het goed maakte en zo. Maar ja … de tekst van die brieven stond onder censuur. De buitenwacht mocht niet weten onder welk afgrijselijke omstandigheden de gevangenen in de concentratiekampen moesten leven. Overigens hadden we hoop dat Henk vroeg of laat zou terugkeren. In het begin zeiden we tegen elkaar: “Henk is slim, die komt wel weer op vrije voeten”. Toen de bevrijding in aantocht was schreef Henk: “Ik maak het goed. Ik zal wel weer gauw thuiskomen”. Maar Henk is nooit meer thuisgekomen. 

Evenals de overige gevangen genomen Puttenaren ging Henk Schuit via Kamp Amersfoort naar het kamp Neuengamme, waar hij op 14 oktober 1944 aankwam.


Hij kreeg kampnummer 57114. De gevangenen werden verdeeld over diverse buitenkampen. Schuit kwam in het kamp Meppen-Versen, dicht bij de Nederlandse grens. Hij bleef hier tot maart 1945. Toen moest men terug naar Neuengamme. Het werd Sandbosttel. Dit kamp werd op 29 april 1945 door de Engelsen bevrijd. Zij troffen er ongeveer 15.000 overlevende krijgsgevangenen aan en ongeveer 8000 concentratiekamp-gevangenen.

Hoe het precies met Henk Schuit is gegaan is niet duidelijk. Hij heeft die bevrijding meegemaakt, maar was zo verzwakt dat hij op 26 mei 1945 in het British General Hospital nr. 86 in Rotenburg overleed.
Burgemeester Martens kwam de boodschap in Elspeet brengen en overhandigde het polshorloge van Henk 1

De laatste rustplaats van Hendrik Schuit is sinds 2 juni 1953 op het Ereveld in Loenen (graf 176).

Behalve het overlijden van haar man moest Miena ook het overlijden van haar broer verwerken.

De 26-jarige ongehuwde Jannes Karssen kwam in het kamp Ladelund, waar hij op 8 december 1944 overleed en werd begraven.

Feiten na de oorlog

Na de oorlog hertrouwde Miena Karssen met de Harderwijker Johannes Kamphorst. Uit die huwelijk werden twee zoons geboren. Zij overleed op 3 november 2013 op 91-jarige leeftijd. 1

Van de tweeling overleed Gertie in Nunspeet op 18 juli 1999. Ze woonde toen al jaren bij haar tante Hennie Karssen, een schoonzus van Miena. Ze was getrouwd met Dirk Karssen, een broer van haar moeder.

Willie trouwde met Bram Kruithof 1, kreeg een zoon en een dochter en overleed op 20 oktober 2014 in Ermelo.

← Naar overzicht

de spoorwegstakingt

De spoorwegstaking

Gegevens volgen nog.

← Naar overzicht

in en rondom het gemeentehuist

In en rondom het gemeentehuis

Gegevens volgen nog.


De evacuatiedienst

Twee provinciale besturen

Burgemeester De Kruijff vertrekt

Postmus als waarnemend burgemeester

Franken in Ermelo opgepakt, 19 januari 1945

← Naar overzicht

oorlogshandelingent

Oorlogshandelingen

Gegevens volgen nog.


Een kelner bij Atlanta

Beschieting in Elspeet

Bombardementen en beschietingen in de herfst van 1944

Shillitoe en het Zilverbeekje

← Naar overzicht

verzet en terreurt

Verzet en terreur

Gegevens volgen nog.


Toenemend verzet

Hans Blankenberg

Het drama van Putten

Razzia in de Gortelse bossen

Razzia in Elspeet

Een fietsenvordering in Hulshorst

Een demente man doodgeschoten

← Naar overzicht

het dagelijks levent

Het dagelijks leven

​​​​​​​Gegevens volgen nog.



Een ongeluk in de Dorpsstraat

25 oktober 1944
Een ongeluk in de Dorpsstraat  

Bommen, granaten en ander munitie vormden natuurlijk in de laatste oorlogsjaren een bron van nieuwsgierigheid voor de jeugd. Zoeken naar munitie op de hei of langs de spoorlijn was een geliefkoosde bezigheid. Dat die belangstelling niet altijd goed afliep ondervond de familie Van Bentum aan de Dorpsstraat 24.  

Elias van Bentum (1) had zich in 1917 vanuit Apeldoorn in de Dorpsstraat Nunspeet gevestigd. Er ontstonden een tweetal winkels: een melkzaak en een winkel in galanterieën. Van Bentum was getrouwd met Maartje Smink, had vijf kinderen (Gerrit, Johan, Wiegerd, Gerrie en Wim) en toen hij in 1942 op 57-jarige leeftijd overleed, zette de weduwe met de kinderen de zaken voort. (2)


Elias van Bentum (foto familie Walvaart)


Maartje van Bentum-Smink (foto familie Walvaart)

In september 1942 kwam een vriendin van Maartje uit Santpoort met haar moeder en twee zonen bij haar wonen aan de Dorpsstraat. Het was Christina (roepnaam Ties) van de Abeele-Visse, (3) Ties en Maartje kenden elkaar. Ze waren beiden in 1893 in Nigtevecht geboren. Ties was getrouwd met Titus van de Abeele, een kapitein bij de KNSM. Bij het uitbreken van de oorlog verbleef hij in de Verenigde Staten. Men wist dat hij voor de Geallieerden voer en daarmee was de echtgenote in Nederland een politiek delinquent. Daarom moest zij op een gegeven moment haar huis op de grens van Haarlem en Santpoort verlaten. Er kwam iemand te wonen die aan de Atlantische Wal werkte.
Officieel stond Ties vanaf 27 mei 1943 met twee van haar zoons ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Ermelo. De twee zoons, Jan en Wim, waren toen 17 en 15 jaar oud en zaten op de HBS in Haarlem. Ze hadden nog niet de leeftijd om door de Duitsers opgepakt te worden. Jan zou in september 1943 weer naar Haarlem vertrekken om in oktober 1944 terug te keren, maar dan op het adres Dorpsstraat 20. Daar woonde de weduwe Osinga, die een boekhandel dreef.
De oudste zoon Dirk van de Abeele is nooit ingeschreven geweest in het bevolkingsregister van de gemeente Ermelo. Hij studeerde geologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Toch was hij regelmatig in Nunspeet bij zijn moeder. De moeder (4) van Ties, voor de kinderen Van Bentum tante Tine, overleed op 14 januari 1944, 73 jaar oud, en werd in Nunspeet begraven (graf I-1501). 


Johanna Bruinink (foto familie Walvaart)



Jan Hendrik van de Abeele

In het grote huis van de familie Van Bentum was ruimte genoeg, De weduwe woonde er met haar vier zoons en één dochter, haar moeder Johanna Bruinink en de familie Van de Abeele. In september 1944 kwam er nog inkwartiering van de Arnhemse familie Lewis en in de laatste oorlogswinter zouden regelmatig trekkers bij de familie Van Bentum onderdak vinden. 

Jan en Wim van de Abeele, die weinig te doen hebben, zwierven regelmatig rond op zoek naar munitie. In de schuur werden dan de kogels tussen de bankschroef gezet en met een spijker of steen bewerkt. Regelmatig kregen ze de waarschuwing om van die spullen af te blijven. Wiegerd van Bentum had hen al eens toegevoegd:

“Ik veeg jullie nog eens met stoffer en blik bij elkaar.”

Op dinsdag 24 oktober vonden de beide jongens weer een projectiel in de buurt van de fabriek van Jan Kuipers. Ze namen het mee naar huis. De volgende morgen om ongeveer kwart over tien hadden Jan en Wim het projectiel boven in de huiskamer. Jan stond er mee in zijn hand bij het raam. Wim stond op een afstand bij de tafel. Het projectiel ontplofte. Scherven vlogen in het rond. Jans hand was een bloederige massa en de darmen kwamen uit de buik. Hij liep nog naar de trap. Zonder het licht op de overloop aan te doen rende zijn moeder naar boven. Ze hielp hem lopend de trap af naar beneden. Onder aan de trap zakte hij in elkaar. 

De dokter werd gewaarschuwd. Dokter van Loon en zijn assistent dokter Smid waren heel snel ter plekke.  

Beide artsen verklaarden dat de levensgeesten van het slachtoffer nog niet waren geweken doch dat zijn toestand zorgwekkend was. Spoedige overbrenging naar een ziekenhuis werd noodzakelijk geacht. (5)

Inmiddels was ook de politie gearriveerd in de personen van opperwachtmeester Van IJzendoorn en wachtmeester Van der Werf. Kort daarop kwam ook de Sicherheitsdienst die de leiding van het onderzoek overnam.
Wim verklaarde tegenover de politie:  

Mijn broer wilde vanmorgen, 25 oktober 1944, het projectiel demonteren in de huiskamer. Toen hij daarmee bezig was, ontplofte het plotseling, met het gevolg dat mijn broer zwaar en ik lichtgewond werd. Ik stond n.l. op enige afstand van mijn broer. Ik heb hem nog gewaarschuwd het niet te demonteren. Ik wist dat we eigenlijk dergelijke voorwerpen niet in ons bezit mogen hebben.

Jan van de Abeele werd met een Rode Kruis-auto van de Duitse Weermacht naar het ziekenhuis in Ermelo vervoerd. Zijn moeder ging mee, niet met de ziekenauto, maar achter op de fiets bij dokter Van Loon. Jan overleed om 12.00 uur. Dokter Van Loon bracht moeder weer achter op de fiets terug van Ermelo naar Nunspeet. 

Jan werd begraven op de Algemene Begraafplaats Nunspeet in hetzelfde graf als zijn grootmoeder en naast het graf van Elias van Bentum. De paarden voor de lijkkoets waren onrustig omdat steeds een jachtvliegtuig boven de rouwstoet scheerde.


Graf Elias van Bentum en Maartje Smink, naamloos graf van Jan van de Abeele
en zijn grootmoeder en graf van Evert Jan van den Berg. (Foto Dick Baas 2022)

Na de oorlog

Vader Van de Abeele hoorde pas na zijn terugkeer na de oorlog hoe het zijn gezin was vergaan. In november 1945 vertrok de familie naar Curaçao. Later keerden ze weer terug in Nederland en woonden in Maarn.

Maartje Smink hertrouwde na de oorlog met Evert Jan van den Berg (6)


Maartje Smink en Evert Jan van den Berg waren getrouwd op 27 september 1961 (foto familie Walvaart)



Wim van de Abeele studeerde na de oorlog tropische landbouw in Deventer en vertrok naar Zuid-Afrika. Hij kwam op 17 september 1951 in Kaapstad aan en werkte van januari 1954 tot mei 1989 bij S.A. Cyanamid, een chemisch bedrijf. Hij trouwde met Michelina Erasmus.



(1) Elias van Bentum was geboren Apeldoorn 19 mei 1885 en overleden Ermelo (Nunspeet) op 12 mei1942. Hij was gehuwd Harderwijk 31 oktober 1917 met Maartje Smink, geboren Nigtevecht 20 februari1893, overleden Ermelo (Nunspeet) 11 oktober 1965, dochter van Gerrit Smink, geboren Harderwijk 16februari 1852, overleden Nigtevecht 28 januari 1916 en Johanna Bruinink, geboren Harderwijk 27 juli 1859, overleden Ermelo (Nunspeet) 19 december 1950 (91 jaar). Maartje Smink is begraven Algemene Begraafplaats Nunspeet-Oost (graf I-1502) en haar moeder in graf II-1121. Het gezin telde 5 kinderen: Gerrit (geboren 20 augustus 1918, overleden 18 februari 1974), Johan Gerrit (geboren 12 juli 1920, overleden 1 november 1977), Wiegerd Aalt (geboren 7 september 1922, overleden 26 maart 1957), Gerritje (geboren 3 mei 1925, overleden 23 maart 2010) en Willem (geboren 13 februari 1936, overleden Bleiswijk 10 december 1995).

(2) Veel informatie is in 1994 schriftelijk en mondeling verstrekt door G. (Gerrie) Walvaart-van Bentum,dochter van Elias van Bentum en weduwe van de Nunspeetse gemeentesecretaris Willem Walvaart envia haar door W.T.H. (Wim) van de Abeele in Witbank (Zuid-Afrika). In 2022 is de informatie aangevulddoor Wouter en Liesbeth Walvaart, kinderen van Gerrie Walvaart.

(3) Christina Visse was geboren Nigtevecht 14 januari 1893 en overleden Maarn 22 oktober 1959, dochtervan Martiena Hendrika Visse. Zij huwde te Nigtevecht 9 februari 1921 met Titus Wilhelmus Henricusvan den Abeele, geboren Wognum 10 februari 1892 en overleden Woudenberg 19 september 1983,zoon van Dirk van de Abeele en Grietje de Vries. Het gezin telde drie kinderen: Dirk (geboren Zaandam14 november 1922, overleden Wassenaar 29 november 2007), Jan Hendrik (geboren Zaandam 23 juni1925, overleden Ermelo 25 oktober 1944) en Wilhelmus Titus Henricus (geboren Velsen 21 mei 1928).

(4) Martiena Hendrika Visse was geboren Nigtevecht 6 december 1870 en overleden Ermelo (Nunspeet)14 januari 1944. Dochter van Jan Hendrik Visse en Elizabeth van der Lee. Zij was per 27 oktober 1927met docht en schoonzoon vanuit Zaandam verhuisd naar de gemeente Velsen en kwam per 30 juni1943 officieel naar Nunspeet.

(5) Citaten afkomstig uit het politierapport: Archief Nunspeet inv.nr. 2128.

(6) Evert Jan van de Berg werd geboren Kampen 27 december 1883 en overleed Ermelo (Nunspeet) 31  oktober 1971 (Molenweg 5), zoon van Berend van den Berg, schoenmaker, en Dirkien Beks.

← Naar overzicht

onderwijs in de laatste oorlogsjarenst

Onderwijs in de laatste oorlogsjaren

Gegevens volgen nog.

← Naar overzicht

Onze website maakt gebruik van cookies

Voor het gebruik van cookies zijn wij verplicht om toestemming te vragen. Cookies verbeteren de prestaties en functionaliteit van onze website. Door op de ‘Ja, ik accepteer cookies’ button te klikken, wordt het plaatsen van deze cookies zoals omschreven in onze privacy- en cookieverklaring geaccepteerd.